Performative reading-schaamte
Hoe erg is het om te lezen zodat je er interessanter door lijkt?
Vorige maand ging ik naar De Balie om een gesprek tussen Roxane Gay, Eliza Anyangwe en Tatjana Almuli bij te wonen. Het was er stampvol en heel gezellig. Ik was te vroeg, dus om de tijd te doden ging ik even aan de bar een drankje drinken. Toen ik was geïnstalleerd pakte ik mijn boek er bij. Dat doe ik meestal als ik in mijn eentje in het openbaar zit. Niet alleen omdat ik graag lees, maar ook omdat ik niet mijn telefoon erbij wil pakken om mezelf een houding te geven. Het boek in kwestie was een grote, knalrode hardback, en dus nogal een opvallend ding. Ik las wat bladzijden en schrok ineens op. Ik voelde me een beetje gegeneerd: zag dit er niet heel aanstellerig uit?
Mijn boek ging weer de tas in, er ontstond namelijk een rij om de zaal in te gaan. Ik pakte mijn telefoon er maar bij en opende Substack. Het eerste dat ik tegenkwam was de Substack Modern Leven van Doortje Smithuijsen. Ze beschreef hoe ze op een overvol terras iemand had geobserveerd die volgens haar performatief aan het lezen was. Voor de show dus, om aan andere mensen te laten zien dat je leest, dat je interessant bent en diepgang hebt. De redenering was als volgt: als je op een druk en winderig terras Sally Rooney gaat zitten lezen en in een uur maar twee keer de bladzijde omslaat, dan is dat verdacht. (Super interessant stuk trouwens). De timing had niet toevalliger gekund, want was dat niet precies mijn angst geweest toen ik eerder aan de bar zat te lezen? Door haar observatie kwam performatief lezen ineens heel dichtbij, ook ik kon ineens een performatieve lezer zijn. Het was tijd om de leeuw in de bek te kijken en dit fenomeen te onderzoeken.
Deze zomer kwam ik de term performative reader voor het eerst tegen. Met name in memes over performative males, mannen (vooral Gen Z) die zich kleden en gedragen op een manier die gericht is op de female gaze om zo bij progressieve vrouwen in de smaak te vallen. Ze lopen rond met linnen tasjes, dragen nagellak, drinken matcha en, dit is heel belangrijk, ze lezen feministische klassiekers zoals werk van bell hooks. Of beter gezegd ‘lezen’, want het is onderdeel van de performance. Ik nam hier de kritiek om te lezen voor de show niet heel serieus, want ik kreeg de indruk dat dit internethypeje vooral ironisch bedoeld werd. Het ging vooral om satirische TikToks met mannen die zogenaamd zaten te lezen op een terrasje. Er werden wereldwijd wedstrijden georganiseerd om de beste performative male te vinden. Allemaal met een dikke vette knipoog. Toch bleef de term hangen.
Enable 3rd party cookies or use another browser
Veel lezende (Amerikaanse) celebrities worden beschuldigd van performative reading. Sinds een paar jaar lijken ze het lezen massaal te hebben omarmd. Na Oprah en Reese Witherspoon hebben inmiddels talloze beroemdheden een eigen boekenclub waaronder Dua Lipa, Nathalie Portman, Dakota Johnson en Mindy Kaling, meestal met een zeer succesvol verdienmodel erachter. Boeken verschijnen steeds meer op foto’s van beroemdheden. Of ze nou door paparazzi worden gefotografeerd of zelf vakantiekiekjes op hun socials zetten. Als model, acteur of influencer is dit natuurlijk een makkelijke manier om aan het publiek over te brengen dat je niet alleen mooi bent, maar heus ook kunt nadenken. Een boek in je hand staat voor intellect. Een behoorlijk cliché inmiddels. Juist daarom is het interessant wat Hailey Bieber doet in het Vogue item What’s in Hailey Bieber’s Bag?. Ze tovert in het filmpje twee van haar lievelingsboeken uit haar tas, van Emmanuel Kant en Friedrich Nietzsche. En daarmee lijkt ze in eerste gezicht exact in dat patroon te vallen. Al snel blijkt dat de video nogal satirisch is. Dat had me meteen kunnen opvallen als ik gelet had op de naam van het parfumflesje dat ze laat zien, Eau d’Nepo. Ze steekt hier overduidelijk de draak met haar eigen imago, maar ogenschijnlijk ook met de trend van medeberoemdheden die zich profileren als intellectueel. Dat blijkt uit het moment dat ze een leeg notitieboekje laat zien en zegt: “this is where I put all my thoughts” en “I feel like my whole life is in here”, zinnen die ik celebs in alle ernst heb horen zeggen. Ze tilt even de sluier op over hoe beroemdheden strategisch omgaan met visuele signalen. Een taal die ze als geen ander en op meta-niveau gebruikt. En wat vaak gebeurt met ironie, is dat je niet meer weet of, en wat, er nog authentiek is. Haar gebruik van boeken doet zelfs vermoeden dat ze óók de draak steekt met lezen zelf.

Ironisch of niet, ik dacht in eerste instantie: geweldig dat er zo te koop wordt gelopen met boeken en lezen. Betere reclame kan je je niet wensen. Toch is er veel kritiek op de omgang met boeken door beroemdheden. Ze zouden zo worden gereduceerd tot een fashion statement, een rekwisiet, en de esthetiek van een lezer zijn wordt belangrijker gemaakt dan de boeken zelf. Worden ze echt gelezen, laat staan begrepen? Deze kritiek vond ik in eerste instantie een beetje ingewikkeld. In een tijd dat iedereen aan z’n telefoon gelijmd zit, geletterdheid in Westerse landen met een schrikbarend tempo daalt en Harvard-studenten niet meer een heel boek uit kunnen lezen, is het toch goed dat boeken verheerlijkt worden? Misschien niet.
Op YouTube vond ik een video-essay van Cathy Chats en zij stelde een hele interessante vraag. Waarom wordt een boek een statussymbool voor de allerrijksten in een tijd waar laaggeletterdheid zo enorm toeneemt? We weten van beroemdheden dat ze veel belang hechten aan hun imago, reputatie en uiterlijk, en dat er weinig ruimte is voor toeval. Subtiel of minder subtiel, ze laten graag zien dat het ze goed vergaat. Dus waar staat het boek voor? Cathy stelt dat doordat lezen tijd, rust en concentratie vraagt, je voldoende vrije tijd moet hebben. En dat heb je als je financieel bevoorrecht bent. Of wil lijken. Een boek in de handen van een beroemdheid zegt dus niet alleen iets over smaak of intellect, maar ook over rijkdom. Net zoals vakantiefoto’s met jachten, parelwitte stranden en luxe hotels dat doen, maar dan met ‘diepgang’. Wat hier zichtbaar wordt, is dat lezen niet langer enkel een privé-bezigheid is, maar een manier om identiteit mee te communiceren.
Bovendien past het volgens haar perfect bij de huidige wellnesscultus, waar ‘gezond leven’ (lees: er jong en strak uitzien) neerkomt op zelfbeheersing en discipline. Offline zijn en jezelf intellectueel voeden in plaats van brainrot te consumeren, straalt morele superioriteit uit. Lezen wordt zo onderdeel van dezelfde levensstijl als sporten met een personal trainer, clean eating, een eindeloze skincare routine, supplementen slikken en misschien op de achtergrond ook wat plastische ingrepen en medicijnen om af te vallen. Een teken van controle.
Volgens Cathy zal telefoonvrije tijd - waar lezen nu voor staat - verder worden uitgebreid. Beroemdheden zullen, al dan niet met behulp van dure digital detox cursussen, helemaal wegstappen van hun telefoons en een offline leven gaan leiden. Gelukkig hebben ze dan de paparazzi nog om te laten zien hoe goed het met ze gaat.
Kern Carter geeft in zijn Substack Writers are Superstars nog een reden waarom performatief lezen niet onschuldig is. Lezen is inmiddels weliswaar hip, maar de ervaring raakt uitgehold. Wanneer boeken vooral fungeren als een attribuut of statussymbool, verdwijnt het centrale aspect van lezen: de ervaring ervan. Boeken worden gewaardeerd om hun merkwaarde in plaats van hun inhoudelijke waarde of intellectuele bijdrage. Ook Carter waarschuwt dat deze verschuiving samenvalt met een groeiende laaggeletterdheid. Aan de ene kant is er online een bloeiende leescultuur en aan de andere kant groeit een generatie op die nauwelijks nog een volledig boek kan lezen, laat staan ervan genieten. In dat licht is de verheerlijking van lezen een bedrieglijke bliksemafleider die een ernstig probleem verdoezelt. Natuurlijk is er veel aandacht voor ontlezing (ik weet dat er veel mensen zijn die de kriebels van het woord leesbevordering krijgen), maar laten we scherp blijven en niet in de verleiding raken die problematiek te onderschatten omdat er online zoveel lezers lijken te zijn. Het is wel degelijk heel serieus. Zoals Carter zich afvraagt: als er straks steeds minder mensen zijn die boeken kunnen lezen, wat betekent dat dan voor de boekenindustrie, en breder (en waarschijnlijk ingrijpender), voor onze maatschappij?
Wat de levende online boekencultuur betreft: die verschuiving is hier goed zichtbaar. Als ik mezelf als case study gebruik, ben ik steeds minder reviews gaan schrijven en heb ik me veel meer op het visuele en pakkende posts gericht. Deels ingegeven door het algoritme en deels door wat ik om me heen zag gebeuren. Alles op social media is natuurlijk per definitie (deels) performatief, je doet het voor de likes en om een gecureerde versie van jezelf te laten zien. Het is ook een visueel medium, dus die richting - of dat nou het steeds veranderende algoritme is of de voorkeur van de gebruikers - wordt je automatisch opgeduwd. Wat Carter beschrijft, zie ik dagelijks voorbijkomen op mijn Instagram feed. Weliswaar een viering van lezen, maar dan gericht op de lezerslevensstijl, de aesthetics, de genres, de omslagen en de pakkende quotes. Het kan dat dit wordt ingegeven door de beeldtaal van celebrities, maar vooral omdat het via dit medium bijna niet anders kan. Overigens geloof ik er heilig in dat het de meeste mensen gaat om verbinding bij een anders solitaire bezigheid als lezen.
Terug naar die avond in De Balie. Was het terecht dat ik me ongemakkelijk voelde? Nee. Maar het ongemak dat ik had is wel veelzeggend. Het laat zien dat het mes van performatief lezen aan twee kanten snijdt: enerzijds is het terechte kritiek op het verheffen van het boek tot statussymbool, anderzijds maakt het lezen tot iets waarmee de lezer altijd iets wil uitdragen. Zelfs als ik weet waarom ik lees, waarom ik er zo van hou, ga ik aan mezelf twijfelen.
Dit raakt precies aan de kern van de argumenten van Cathy Chats en Kern Carter: als lezen alleen nog maar een esthetische of symbolische waarde heeft, een rekwisiet dat past bij een bepaalde levensstijl, verliezen we de ervaring van het lezen zelf. Dan gaan we iedereen wantrouwen in plaats van verheugd te zijn dat je een medelezer tegen komt. Sinds ik de term performatief lezen ben tegengekomen, bekijk ik ieder openbare lezer met argusogen. Inclusief mezelf. En dat lijkt me niet de bedoeling.
Hier wil ik dus ook snel vanaf. Niet omdat ik het niet eens ben met de kritiek, die lijkt me terecht. Maar iedere lezer die de deur uitgaat en er een boek bij pakt als zodanig te bestempelen, gaat me te ver. Laten we niet al het lezen in het openbaar als niet-authentiek zien. Laten we in plaats daarvan uitgebreid over boeken blijven praten. En laten we ook vooral oppassen dat we het boek niet reduceren tot een kartonnen attribuut. Dat is voor mij ook iets om op te letten online. En verder: ik blijf stoïcijns doorlezen buiten de deur.
Want wie weet zat die vrouw met Sally Rooney op dat terras wel diep in gedachte, dagdromend over wat ze las, de tijd vergetend tussen het geroezemoes met haar koffie. Net zoals ik soms. Ik denk dat we dat haar, elkaar en onszelf moeten gunnen.
Dat was het! Heb je tips of vragen? Je mag je altijd mailen of me een dm sturen op Instagram. Als je van deze nieuwsbrief geniet; je helpt me enorm door te liken, een comment achter te laten en hem te delen!






Wat een leuke Substack! Ik merk dat ik zelf minder ‘bang’ ben een performative reader te zijn / lijken als ik op m’n ereader lees.
Doortje had er beter zelf ook een boek bij kunnen pakken ipv een UUR observeren hoe vaak die andere vrouw een pagina omsloeg 🙄 en verder eens met jou: laten we het vooral inhoudelijk over boeken blijven hebben. Toevallig ben ik zelf onlangs wat kortere boekreviews gaan posten ipv langere tekst, maar dat is vooral om het voor mezelf behapbaar te houden. Post liever vaker (dus meer tips = grotere kans dat iemand geïnteresseerd raakt en het boek oppakt?) dan af en toe uitgebreider. Hoe denk jij daarover?